Jan Pietersz. Sweelinck (1562 - 1621)
De in Deventer geboren componist en organist Jan Pieterszoon Sweelinck rolt in het vak via zijn vader Pieter Sywerszoon die van 1564 tot zijn overlijden in organist is van de Oude of Sint Nicolaaskerk te Amsterdam.
Sweelinck volgt in 1580 zijn vader op als organist. Zijn reputatie als organist klinkt door tot ver buiten de stadsgrens van Amasterdam, waardoor studenten uit binnen en buitenland naar Amsterdam komen om les van hem te krijgen.
Sweelinck componeert klavierwerken (voornamelijk orgelmuziek) en koorwerken. In de tijd dat hij zijn orgelwerken componeert, zijn orgels nog relatief eenvoudig van opzet. Orgels hebben nog niet of nauwelijks pedalen en er wordt geëxperimenteerd met het aanbrengen van hoofd- en nevenwerken. Dit brengt Sweelinck op het idee om te experimenteren met echo-effecten, iets wat deel zou gaan uitmaken van zijn muzikale vocabulaire. Deze echo-effecten zijn ook terug te vinden in zijn koorwerken.

